Werkdiepte van de zaaischijven verminderen

  1. Onderstel in werkstand optillen.
  2. Aan beide zijden van werkdiepte-instelling de veerclip 3 van de onderste excenterbout 1 uittrekken.
  3. Onderste excenterbout uit de coulisse 2 trekken.
  4. Onderstel in transportstand neerlaten, tot de zaaischijven de gewenste hogere positie hebben ingenomen.
  1. Aan beide zijden de onderste excenterbout 1 door het gat 2 direct onder de achterpendelarm 4 steken. De excenterbout daarbij zodanig verdraaien, dat deze na het insteken zonder speling op de achterpendelarm aanligt.
  2. Aan beide zijde de onderste excenterbout met de veerclip 3 borgen.
  1. Aan beide zijden de veerclip 3 van de bovenste excenterbout 1 uittrekken.
  2. Bovenste excenterbout uit de coulisse 2 trekken.
  1. Bovenste excenterbout 1 door het gat 2 direct boven de achterpendelarm 4 plaatsen. . De excenterbout daarbij zodanig verdraaien, dat deze na het insteken zonder speling op de achterpendelarm aanligt.
  2. Bovenste excenterbout met veerclip 3 borgen.
  3. Onderstel in werkstand optillen.
  4. Machine via de trekstang zodanig instellen, dat het frame in langsrichting parallel t.o.v. de bodem staat.