Opbouwzaaimachine aankoppelen
WAARSCHUWING
- Tractor met de gekoppelde grondbewerkingsmachine 1 langzaam onder de opbouwzaaimachine bewegen.
- Veiligheidsbeugel 3 demonteren.
- Grondbewerkingsmachine langzaam optillen.
De opbouwzaaimachine 1 wordt in de vangopeningen 2 van de grondbewerkingsmachine geplaatst.
OPMERKING
- Topstang 1 met de pen 3 monteren.
- Pen met veerclip 2 borgen.
- Hydraulische slangen uit de slanghouder 6 in de geleiding 5 leggen.
- Toevoerleiding van de job-computer in de geleiding leggen.
- Hydraulische slangen en voedingsleiding met de houder 4 bevestigen.

Bij de rotoreg KE en de rotorcultivatoren KX en KG wordt de topstang op een lengte van545mm ingesteld.
Bij de compacte schijfeg CombiDisc 3000 wordt de topstang op een lengte van 880mm ingesteld.
- Topstang op de gewenste lengte instellen.

- Grondbewerkingsmachine met gekoppelde zaaimachine optillen.
- De steunen 1 aan beide zijden uit de machine 2 verwijderen.
- Op alle consoles 1 de veiligheidsbeugel 2 monteren.
Als de zaaimachine over een rijpadenmarkeerapparaat beschikt,
de toevoerleiding van de zaaimachine met de grondbewerkingsmachine 1 verbinden.
- Toevoerleiding 2 van de verlichting en markering aan de achterkant met de grondbewerkingsmachine 1 verbinden.
- De voedingskabel 1 voor de bewaking van de grondbewerkingsmachine 2 aansluiten.
