Zaaigoed instellen
Om verschillende zaaigoederen te zaaien, kunnen in de machine 2 verschillende zaaischijven worden gemonteerd. De zaaischijven worden in de software onder Zaaischijf 1 en Zaaischijf 2 toegekend.
of
In het keuzemenu ... kiezen en een door de gebruiker gedefinieerde zaaischijf invoeren.
Wanneer de gewenste afgifte wordt ingevoerd, berekent de software de legafstand. Wanneer de legafstand wordt ingevoerd, berekent de software de gewenste afgifte.
of
Onder Legafstand 1 de gewenste afstand van de korrels invoeren.
De volgende waarden worden voor de gevoeligheid van de optische sensor aanbevolen:
Zaaigoed | Gevoeligheid |
|---|---|
Koolzaad | 100 % |
Sorghum | ≤ 90 % |
Sojabonen | ≤ 90 % |
Akkerbonen | ≤ 90 % |
Maïs | ≤ 90 % |
Suikerbiet | ≤ 90 % |
Zonnebloem | ≤ 90 % |
Pompoen | ≤ 90 % |
Bij toenemende vervuiling kan de versterking stapsgewijs worden verhoogd:
Uit
Laag
Gemiddeld
Hoog
Maximaal
De volgende waarden worden voor de signaalversterking van de optische sensor aanbevolen:
Zaaigoed | Signaalversterking |
|---|---|
Koolzaad | Laag |
Sorghum | Laag |
Sojabonen | Laag |
Akkerbonen | Laag |
Maïs | Laag |
Suikerbiet | Laag |
Zonnebloem | Laag |
Pompoen | Laag |
of
Om de schakeltijden te optimaliseren:
kiezen, Schakeltijden optimaliseren.of
In het keuzemenu ... kiezen en een door de gebruiker gedefinieerde zaaischijf invoeren.
of
Onder Legafstand 2 de gewenste afstand van de korrels invoeren.
Sensoren bewaken of nog zaaigoed in de zaaigoedbakken aanwezig is. Als alleen de zaaigoedbakken op de zaaischijven worden gebruikt, kan de melding bij lege zaaigoedbak voor de centrale zaaigoedbak worden uitgeschakeld.
Een lege zaaigoedbak wordt in het werkmenu wel nog altijd weergegeven, ook wanneer de meldingen zijn uitgeschakeld.
Als een rijpad wordt aangemaakt, kan in de nevenrijen de gewenste afgifte worden verhoogd.
De korrelbewaking wordt in het werkmenu met staafdiagrammen weergegeven. De staafdiagrammen tonen de afwijking van de gewenste afgifte. De weergavezone van de staafdiagramman komt overeen met een ingestelde procentuele waarde van de gewenste afgifte.
Als een precisiezaaischijf voor koolzaad wordt gekozen, worden de het Weergavebereik staafdiagrammen en Alarmgrens actuele afgifte automatisch op 20% ingesteld.
Als een precisiezaaischijf voor pompoen wordt gekozen, worden de het Weergavebereik staafdiagrammen en Alarmgrens actuele afgifte handmatig op 30% ingesteld.
