Werkdiepte tanden hydraulisch instellen

De grondbewerkingsmachine 3 steunt op de draagarmen van de nalopende wals 4. De werkdiepte wordt hydraulisch 1 ingesteld. De schaal 2 toont de ingestelde werkdiepte.
De werkdiepte wordt hydraulisch 1 ingesteld.
Schaal | Werkdiepte |
|---|---|
Hoge + | Lage bewerking |
Lage - | Vlakke bewerking |
Om de grond dieper te bewerken,
Tractorregeleenheid blauw 1 bedienen.
of
Om de grond vlakker te bewerken,
Tractorregeleenheid blauw 2 bedienen.
De hydraulische cilinders steunen op de draagarmen.
- Werkdiepte op de schaal 2 aflezen.
- Tractorregeleenheid na de instelling blokkeren.
Om de instelling te controleren,
30m op werksnelheid werken en het werkbeeld controleren.Om de instelling van de egalisatiebalk aan te passen,
zie hoofdstuk Werkdiepte van de egalisatiebalk instellen.Om de instelling van de zijplaten aan te passen,
zie hoofdstuk Werkdiepte van de zijplaten instellen.
