Rijenafstand instellen

Voor grote rijafstanden, bijv. voor het zaaien van maïs, kunnen enkele zaairijen worden stilgelegd.

  1. Vier kartelschroeven 1 losmaken.
  2. Deksel 2 afnemen.
OPMERKING
Maximaal 50 procent van de zaaigoeduitlopen mag worden gesloten, daar het zaaigoed anders niet in de groef wordt geplaatst.
  1. Om de rijafstand te vergroten,

    met het werktuig 2 de afsluitdoppen 1 in de zaaigoedleidingen monteren.

of

Om de rijenafstand te verkleinen,

met het werktuig 2 de afsluitdoppen 1 uit de zaaigoedleidingen verwijderen.

OPMERKING
De afsluitdoppen passen uitsluitend in de zaaigoeduitlopen, omdat de rijpadsegementen elektronisch openen en sluiten. Om de rijpadsegmenten continu gesloten te houden, de gesloten rijpadsegmenten loskoppelen, zie Rijpadsegmenten scheiden.
  1. Om de rijpadenschakeling te activeren,

    zie bedieningshandleiding ISOBUS-software

of

zie bedieningshandleiding Bedieningscomputer.

  1. Om alle rijpadsegmenten te sluiten,

    zie bedieningshandleiding ISOBUS-software

of

zie bedieningshandleiding Bedieningscomputer.

  1. Om de gewenste rijpadsegmenten permanent te deactiveren,

    zie pagina Rijpadsegmenten scheiden.
  2. Om de resterende actieve rijpadsegmenten weer te openen,

    rijpadenteller verder schakelen.
  3. Rijpadenschakeling deactiveren.