Ploeglichaam
Ploeglichamen worden afhankelijk van de bodemgesteldheid en de werkomstandigheden gekozen.
De werkdiepte van het ploeglichaam is instelbaar.
De werkdiepte voor alle ploeglichamen moet gelijk worden ingesteld.
Het totaal van alle werkbreedten en de voorschaarbreedte komt overeen met de werkbreedte van de machine.
- Opbouw van het ploeglichaam
- 1
Ploeglichaam
- 2
Arm
- 3
Rompzijdeel
- 4
Eenheid
- 5
Punt
- 6
Strijkplaat voorste deel
- 7
Schijfpunt
- 8
Schijfblad
- 9
Strijkplaat
- Werkdiepte van het ploeglichaam
De werkbreedte is de onder 90° ten opzichte van de rijrichting gemeten, werkelijke ploegbreedte van een ploeglichaam.
Voorschaarbreedte
De voorschaarbreedte wordt gemeten van de voorrand tot de oplegging van het eerste ploeglichaam.
De voorschaarbreedte wordt door de volgende factoren beïnvloed:
Binnenste spoormaat van de tractor
Werkbreedte van de ploeg
Helling
Werkdiepte
Werkbreedte van de ploeg
De werkbreedte van de ploeg komt overeen met de bewerkte veldbreedte bij het rijden over het veld.
Voorbeeld ploeg met 6 schijven:
Werkbreedte = 5 x werkbreedte van een ploeglichaam + voorschaarbreedte
