Veiligheidsroutines

BELANGRIJK
Machine beveiligen
Indien de machine niet beveiligd is tegen ongewenst starten en wegrollen, kan de machine zich ongecontroleerd in beweging zetten en personen aanrijden, verpletteren of doden.
Laat de opgetilde machine of machinedelen zakken.
Ontlast de druk in de hydraulische slangen met behulp van de bedieningselementen.

Als u onder de opgetilde machine of onder componenten moet staan,

beveilig dan de opgetilde machine en de componenten met behulp van een mechanische veiligheidssteun of een hydraulische afsluiter tegen het dalen.
Schakel alle aandrijvingen uit.
Trek de parkeerrem aan.
Beveilig de machine, met name op hellingen, bovendien met wielkeggen tegen wegrollen.
Verwijder de contactsleutel.
BELANGRIJK
Veiligheidsinrichtingen in functionerende toestand houden
Indien veiligheidsinrichtingen ontbreken, beschadigd, defect of gedemonteerd zijn, kunnen mensen door machinecomponenten ernstig verwond of gedood worden.
Controleer voor aanvang van de werkzaamheden, of de veiligheidsinrichtingen zijn uitgeschakeld of gemanipuleerd.
Controleer de machine minstens eenmaal per dag op schade, correcte montage en goede werking van de veiligheidsinrichtingen.

Als u niet zeker weet of alle veiligheidsinrichtingen correct gemonteerd zijn en goed werken:

Laat de veiligheidsinrichtingen door een gekwalificeerde vakwerkplaats controleren.
Let erop, dat voor alle werkzaamheden aan de machine de veiligheidsinrichtingen correct gemonteerd zijn en goed werken.
Beschadigde veiligheidsinrichtingen moeten vervangen worden.
BELANGRIJK
Opstappen en afstappen
Door onvoorzichtig gedrag bij het opstappen en afstappen kunnen personen van de ladder vallen. Personen die niet via de normale klimhulp op de machine klimmen, kunnen uitglijden, vallen en zwaar gewond raken. Vuil en bedrijfsmiddelen kunnen voor een gladde ondergrond zorgen en de stabiliteit aantasten. Door het onvrijwillig bedienen van bedieningselementen kunnen functies onbedoeld worden geactiveerd, waardoor gevaarlijke situaties kunnen ontstaan.
Gebruik alleen de passende klimhulpen.

Om een veilig bewegen en staan te garanderen:

Houd loopplanken en platforms altijd schoon en in goede staat.

Wanneer de machine beweegt:

Stap nooit op of van de machine.
Stap steeds met het gezicht naar de machine op en af.
Houd bij het opstappen en afstappen altijd op minimaal 3 punten contact met treden en leuningen: 2 handen en één voet of 2 voeten en één hand aan de machine.
Gebruik de bedieningselementen nooit als handvat bij het opstappen of afstappen.
Spring bij het afstappen nooit van de machine.