Binnen het werkmenu kunnen de terminalfuncties en de functies van verschillende apparaten worden weergegeven. De apparaten, waarvan de functies worden weergegeven, kunnen worden gekozen. Tussen de gekozen functies kan worden omgeschakeld.
Om de apparaatfuncties voor het werkmenu te kiezen,
Toets voor de kaartweergave 1 ingedrukt houden.
Een lijst met aangesloten apparaten wordt getoond.
Gewenste apparaten kiezen.
Gekozen apparaten krijgen een vinkje.
Bevestig met .
BELANGRIJK
Gevaar voor schade aan de machine
Bij een veeggebaar kunnen onopzettelijk knoppen van de apparatenbesturing worden bediend.
Begin met het veeggebaar aan de rand van het display.
OPMERKING
Als de vinger verder dan het werkmenu in de richting van het midden van het display wordt bewogen, dan schakelt de AmaTron 4 tussen de toepassingen om; Veeggebaren gebruiken.
Toets voor de kaartweergave op AmaTron 4 indrukken
of
veeg met de vinger vanaf de rechterschermrand naar het werkmenu.