AUX-N-invoerapparaat met AmaTron 4-functies bezetten

Via de AmaTron 4 is het mogelijk om de toetsen van AUX-N-invoerapparaten te bezetten. Daardoor kunnen apparaatfuncties en AmaTron 4-functies met het AUX-N-invoerapparaat worden bediend.

OPMERKING
Via de AmaTron 4 kunnen alleen AUX-N-invoerapparaten met functies worden bezet.

De volgende tabel toont de functies van de AmaTron 4:

Uitlijning van het voertuigsymbool in de kaartweergave omkeren

Automatische deelbreedteschakeling activeren

Kaartweergave oproepen

Hoofdmenu oproepen

Universal Terminal oproepen

Bevestigen

Camerabeeld oproepen

Tussen de toepassingen omschakelen met veeggebaren

VOORWAARDEN

  1. Kies in het hoofdmenu.

De interface die het invoerapparaat heeft verzonden, wordt weergegeven.

  1. Kies de knop voor de gewenste toets.

Het AUX-N-invoerapparaat wordt samen met de gekozen toets symbolisch getoond. Daaronder bevindt zich een toets die de AmaTron 4 weergeeft. Met deze knoppen kunnen de AmaTron 4-functies worden geopend.

  1. AmaTron 4-functies openen.
  2. AmaTron 4-functie uit de lijst kiezen.

De gekozen AmaTron 4-functie wordt toegewezen aan de toets.

  1. Bevestig met

In het overzicht wordt de geselecteerde AmaTron 4-functie op de knop van de bezette toets weergegeven.