AUX-N-invoerapparaat met apparaatfuncties bezetten

Via de AmaTron 4 is het mogelijk om de toetsen van AUX-N-invoerapparaten te bezetten. Daardoor kunnen apparaatfuncties met het AUX-N-invoerapparaat worden bediend.

OPMERKING
Via de AmaTron 4 kunnen alleen AUX-N-invoerapparaten met functies worden bezet.

VOORWAARDEN

  1. Kies in het hoofdmenu.

De interface die het invoerapparaat heeft verzonden, wordt weergegeven.

  1. Kies de knop voor de gewenste toets.

Het AUX-N-invoerapparaat wordt samen met de gekozen toets symbolisch getoond. Daaronder bevinden zich knoppen die aangesloten apparaten weergeven. Met deze knoppen kunnen de apparaatfuncties worden geopend.

  1. Open apparaatfuncties.
  2. Kies de apparaatfunctie uit de lijst.

De gekozen apparaatfunctie wordt toegewezen aan de toets.

  1. Bevestig met .

In het overzicht wordt de geselecteerde apparaatfunctie op de knop van de bezette toets weergegeven.