Spoorcorrectie uitvoeren

WAARSCHUWING
Gevaar voor ongevallen door niet correct ingesteld spoor en bij het uitvoeren van de spoorcorrectie
Voer de spoorcorrectie dagelijks uit.
Voer de spoorcorrectie niet op openbare terreinen of wegen uit.
Voer de spoorcorrectie alleen bij stapvoets rijden uit.
BELANGRIJK
Schade aan de spuitbomen door overbelasting
Overschrijding van de toegestane spuitboombelasting kan de spuitbomen beschadigen.
Voer de spoorcorrectie niet uit met uitgeklapte spuitbomen.
OPMERKING
Het aantal overschrijdingen van de toegestane spuitboombelasting wordt gedocumenteerd.
Houd er rekening mee dat bij eventuele schadeclaims, afhankelijk van de betreffende schade, de gemeten waarden kunnen worden gebruikt.

VOORWAARDEN

  • Modus Veld is geactiveerd.

Spoorcorrectie van de voorwielen uitvoeren:

  1. Stapvoets rechtdoor rijden.
  2. Het stuurwiel maximaal naar links verdraaien en tegen de aanslag houden.
  3. De knop 1 gedurende minimaal 3 seconden in stand ingedrukt houden en dan loslaten.
  4. Het stuurwiel maximaal naar rechts verdraaien en tegen de aanslag houden.
  5. De knop gedurende minimaal 3 seconden in stand ingedrukt houden en dan loslaten.

Spoorcorrectie van de achterwielen uitvoeren:

  1. Verder rechtdoor rijden.
  2. Op de voertuigterminal AmaDrive de vierwielbesturing kiezen.
  3. Op AmaPilot+ de achterwielen maximaal naar links inslaan.
  4. De knop gedurende minimaal 3 seconden in stand ingedrukt houden en dan loslaten.
  5. Op AmaPilot+ de achterwielen maximaal naar rechts inslaan.
  6. De knop gedurende minimaal 3 seconden in stand ingedrukt houden en dan loslaten.
  7. Op de voertuigterminal AmaDrive terug naar voorwielbesturing schakelen.

De achterwielen gaan naar de middenstand.

  1. Rijd een kort stuk rechtdoor. Controleer daarbij de vlucht van alle wielen.
  2. Wanneer de wielen niet in lijn liggen:

    Spoorcorrectie herhalen.