Verklarende woordenlijst

Bedrijfsmiddel

Bedrijfsmiddelen dragen bij tot de bedrijfsklare toestand. Tot de bedrijfsmiddelen behoren bijvoorbeeld reinigingsmiddelen en smeermiddelen zoals smeerolie, smeervetten of poetsmiddelen.

Grensstrooien

Aan de veldgrens bevindt zich een straat, een veldweg of een veld dat geen eigendom is. Slechts minimale hoeveelheden kunstmest vallen over de grens.

Inschakelpunt

Het inschakelpunt is de positie, waarin de schuiven bij het verlaten van de wendakker worden geopend om de optimale kunstmestverdeling te bereiken. Het inschakelpunt wordt gemeten vanaf het midden van de wendakker tot aan de strooischijf.

Machine

Aangebouwde machines zijn speciale uitrustingscomponenten van de tractor. Aangebouwde machines worden in deze bedieningshandleiding consequent machine genoemd.

Randstrooien

Het aangrenzende oppervlak is een agrarisch gebruikt oppervlak. Geringe hoeveelheden kunstmest vallen over de grens. De hoeveelheid kunstmest op de veldrand ligt dicht bij de doelhoeveelheid.

Ruststand

Aangebouwde machine en tractor bevinden zich horizontaal uitgelijnd op een vlak oppervlak.

Slootstrooien

Langs de veldgrens bevindt zich oppervlaktewater of een sloot. Meststof mag niet tot minder dan een meter voor de grens vallen.

Tractor

In deze bedieningshandleiding wordt consequent de term tractor gebruikt, ook voor andere landbouwmachines. Aan de tractor worden machines bevestigd of gehangen.

Uitschakelpunt

Het uitschakelpunt is de positie, waarop de schuiven bij het inrijden van de wendakker, worden gesloten om de optimale kunstmestverdeling te bereiken. Het uitschakelpunt wordt gemeten vanaf het midden van de wendakker tot aan de strooischijf.

Machines zonder Section Control

Inschakelpunt

Uitschakelpunt positief

Uitschakelpunt negatief

Machines met Section Control

Inschakelpunt

Uitschakelpunt positief

Uitschakelpunt negatief

op rijpaden geoptimaliseerde rijwijze

op verdeling geoptimaliseerde rijwijze