Basisinstelling van de bodemkleppen controleren
Interval
of
elke 3 maanden
Als de bak is gevuld,
alle sluitschuiven sluiten.- Doseerwielen leegmaken, zie hoofdstuk Bak en doseerunit leegmaken.
- Bodemklephendel 1 op de schaalwaarde 1 instellen.
De afstand A tussen de bodemklep en het doseerwiel mag tussen 0,1mm tot 0,5mm bedragen.
- Afstand tussen bodemklep en doseerwiel controleren.
Als de afstand tussen de bodemklep en het doseerwiel niet in het bereik van afstand A ligt,
dan de voorgeschreven afstand met schroef 2 instellen.
