Hydraulische slangen aansluiten
Alle hydraulische slangen zijn voorzien van grepen. De handgrepen hebben gekleurde markeringen met een getal of een letter als code. Aan de markeringen zijn de verschillende hydraulische functies van de drukleiding van een tractorregeleenheid toegewezen. Bij de markeringen is folie op de machine gekleefd, die de desbetreffende hydraulische functies verduidelijken.
Afhankelijk van de hydraulische functie wordt de tractorregeleenheid in verschillende bedrijfsmodi gebruikt:
Bedrijfsmodus | Functie | Symbool |
|---|---|---|
Vergrendelend | Permanente circulatie hydraulische olie | |
Verend | Hydraulische oliestroom tot actie uitgevoerd is | |
Zwevend | Vrije hydraulische oliestroom in de tractorregeleenheid |
Aanduiding | Functie | Tractorregeleenheid | ||
|---|---|---|---|---|
Rood | Hydraulische olie aanvoer | Permanente circulatie hydraulische olie | ||
Rood | Drukloze hydraulische olieretour | Oliereservoir | ||
- Hydraulica tussen tractor en machine drukloos schakelen met de tractorregeleenheid.

- De koppelmof 1 installeren op de drukloze olieretourleiding van de tractor aansluiten.
- Hydraulische stekkers reinigen.
Indien hydraulische slangen fout aangesloten zijn, kunnen hydraulische functies gestoord zijn.
- Hydraulische slangen 1 overeenkomstig de markering 2 verbinden met de hydraulische aansluitingen van de tractor.
De hydraulische stekkers worden voelbaar vergrendeld.
Als de machine een bovenste dissel heeft:
Hydraulische slangen door de geleiding 1 plaatsen.- Hydraulische leidingen met voldoende bewegingsvrijheid en zonder schurende plekken installeren.
