Zaaischijfinstelling controleren

OPMERKING
Afhankelijk van de zaaigoedwisseling moet de afstand tussen de precisiezaaischijf en de separatiebehuizing worden ingesteld.
  1. In het menu Instellingen > Info > Diagnose > Rijen > Rijen > Gewenste rijen > Gewenste rij kiezen.
  2. Om de diagnosegegevens van de actoren op te roepen:

    Actoren 1 kiezen.

In de diagnose worden controleerbare componenten van de separatie getoond. Aan de zijde van de actoren wordt in de rechter kolom 2 het stroomverbruik van de separatoraandrijving gespecificeerd.

OPMERKING
Het stroomverbruik van de separatoraandrijving wordt in stationair bedrijf bij uitgeschakelde turbine en zonder zaaigoed bepaald.
Het stroomverbruik voor zaaien van koolzaad, bieten of sorghum ligt tussen 0,9 A en 1,2 A.
Het stroomverbruik voor zaaien van grof zaaigoed ligt tussen 0,6 A en 1 A.
  1. Om het stroomverbruik van de separatoraandrijving te bepalen:

    Knop 3 bedienen. Stroomverbruik aflezen.
  2. Als het stroomverbruik afwijkt van de gewenste waarde:

    Separatoraandrijving instellen zoals hierna wordt beschreven.
  1. Tractor en machine beveiligen.
  2. Sluitingen 1 openen.
WAARSCHUWING
Gevaar voor lichamelijk letsel door beitsmiddelstof
Voordat u met stoffen gaat werken, die schadelijk zijn voor de gezondheid, trekt u de door de fabrikant geadviseerde beschermende kleding aan.
  1. Deksel 2 afnemen.
  1. Bout 1 demonteren.
  2. Borgplaat 2 demonteren.

De afstand van de precisiezaaischijf tot de separatiebehuizing wordt via de aandrijfnok 2 met de precisiezaaischijf 1 ingesteld.

  1. Als het stroomverbruik te laag is:

    De aandrijfnok met de precisiezaaischijf stapsgewijs rechtsom in de separatiebehuizing draaien

of

Als het stroomverbruik te hoog is:

De aandrijfnok met de precisiezaaischijf stapsgewijs linksom uit de separatiebehuizing draaien.

  1. Borgplaat 2 monteren.
  2. Bout 1 monteren.
  3. Deksel monteren.
  4. Sluitingen sluiten.
OPMERKING
Het stroomverbruik tijdens het zaaien ligt onafhankelijk van het zaaigoed tussen 0,6 A en 0,8 A.
  1. In het menu Instellingen > Info > Diagnose > Rijen > Rijen > Gewenste rijen > Gewenste rij kiezen.
  2. Om de diagnosegegevens van de actoren op te roepen:

    Actoren 1 kiezen.
  3. Als het stroomverbruik tijdens het zaaien afwijkt van de gewenste waarde:

    Separatoraandrijving opnieuw instellen zoals hierboven wordt beschreven.