Zaaischijfdruk in het rijspoor instellen
- Turbine inschakelen.
Om de zaaischijfdruk naast de rijsporen op nul in te stellen:
Zie bedieningshandleiding ISOBUS Zaaischijfdruk aanpassen.
VAKWERKPLAATS
OPMERKING
Om de extra zaaischijfdruk in het rijspoor in te stellen:
Borgmoer 2 losmaken.- Zaaischijfdruk via de stelschroef 1 in de gewenste positie zetten.
De manometer 3 geeft de extra zaaischijfdruk in de rijsporen aan.
Als de zaaischijfdruk naast de rijsporen wordt ingesteld, wordt de zaaischijfdruk in de rijsporen met de ingestelde waarde verhoogd.
- Contramoer aandraaien.
Om de instelling na een korte rijafstand te controleren:
Zie Zaaidiepte controleren.
