Parallellogrammen op de rijen uitrichten
De parallellogrammen moeten zodanig worden ingesteld dat de afstanden A en B precies even groot zijn en elk parallellogram bij het schoffelen precies tussen de beide plantenrijen C en D links en rechts van het parallellogram rijdt.
- Machine met de driepuntslift op het veld neerlaten.
Als de machine symmetrisch is opgebouwd:
Met de machine zodanig in het veld rijden dat het parallellogram 1 op de langsas van de tractor 2 exact in het midden tussen de plantenrijen is gepositioneerd
of
Als de machine asymmetrisch is opgebouwd:
Met de machine zodanig in het veld rijden dat een van beide parallellogrammen links 3 en rechts 4 van de langsas van de tractor 2 exact in het midden tussen de plantenrijen is gepositioneerd.
- Aan parallellogram links of rechts van het middelste parallellogram de moer 2 van de klemschroef 1 losmaken.
- Machine met de 3-puntslift zover optillen dat het parallellogram 1 naar links of rechts op het machineframe 2 rechts of links kan worden verschoven.
- Parallellogram op de juiste positie verschuiven.
- Moer van de klemschroef met een aandraaimoment van 210 Nm vastdraaien.
- Op dezelfde manier alle andere parallellogrammen in het midden tussen de plantenrijen positioneren.
