Lengte van het driepuntsaanbouwframe instellen

De trekstangopnamen kunnen in de lengte worden aangepast aan de tractor.

  1. Moer 1 losdraaien en demonteren.
  2. Bout 3 demonteren.
  3. Pen 2 demonteren.
  4. Afstandshouder 5 demonteren.
  5. Trekstanghouder 4 demonteren.

Bij het gebruik van de sporenwissers of tractoren met korte trekstangen moeten onder bepaalde omstandigheden de trekstangopnamen worden verlengd.

  1. Om de trekstangopname op de gewenste positie te brengen,

    trekstangopname 2 met de pen 1 in de gewenste boring borgen.
  1. Trekstangopname 4 monteren.
  2. Afstandhouder 5 monteren.
  3. Pen 2 monteren.
  4. Bout 3 monteren.
  5. Moer 1 monteren en vasttrekken.
  6. Montage herhalen voor de tegenoverliggende trekstang.
  7. Controleer de schroefverbindingen na 5 uur gebruik op goede bevestiging.
  1. Topstangverlenging 3 met de pennen 1 op de machine monteren.